Column Trude Maas

Utrecht Winkelhart van Nederland?

"Winkelhart van Nederland". Dat was, zonder vraagteken, de slogan waarmee het oude Hoog Catharijne zich profileerde. Hart van Nederland zullen we wel altijd blijven, maar of we daarmee ook vanzelfsprekend DE plek voor winkelen blijven? Ook buiten Hoog Catharijne?

Misschien doen we dat 'shoppen' immers liever op de bank tegenwoordig. Hoezo een 'koopgoot' in? Laat de spullen maar fijn thuis gebracht worden. Inspiratie krijgen we wel van vloggers. En via alle social media.

Mix van online en offline

Of zijn we op weg naar een mix van online en offline winkelen?

Logisch dat die vraag mensen bij elkaar brengt. Want er zijn veel belanghebbenden. Niet alleen de winkeliers, of de eigenaren van vastgoed. Ook de gemeente wil de kwaliteit van de stad bewaken, waar een prettige binnenstad bij hoort. En de bedrijven die overwegen zich hier te vestigen zijn geïnteresseerd in de kwaliteit van de binnenstad, op heel veel aspecten. Naast onder andere cultuur en een internationale school spelen ook horeca en winkelen een rol.

Het Ondernemersfonds Utrecht trok dus een flinke groep belangstellenden bij een klein verkennend congres hierover.

De eerstvolgende stappen

Na opwarmers door inspirerende goeroes werd het pas echt serieus. Vanuit welk vertrekpunt praten we, wat zijn de dominante trends, en wat dus de eerstvolgende stappen, en hoe zet je die. Wie kan en moet verantwoordelijkheid nemen.

Teveel vragen natuurlijk om even op een avond door de week te beantwoorden.

Snel en goed samenwerken

Er kwamen zaken naar boven om direct aan te pakken. Geen winkelier kan dit spel alleen spelen, dus zal er samengewerkt moeten worden. Snel en goed. Op gebiedsniveau. Het ligt voor de hand dat het OfU daarin een rol pakt. Maar als de goeroes gelijk hebben en 'beleving' de reden wordt om van de bank af te komen, moet je dus in het Museumkwartier als winkel ook aan tafel met de musea. En rondom het Centraal Station met TivoliVredenburg. Oeps, daar was men zich voorheen nog niet zo van bewust. Bij 'beleving' hoort een schone straat waar je lekker kunt lopen. Hoe jammer nu dat op veel plekken het vuil wel mooi gescheiden op straat komt, maar dat niet alle soorten vuil tegelijkertijd worden opgeruimd. Veel voertuigen dus, daar gaat je mooie loopgebied.

Bruikbaar voorbeeld Rotterdam

Als stad van kennis en cultuur zijn we ook niet te beroerd om van andere steden te leren. Want ze tobben allemaal - en vaak heftiger dan Utrecht- met verschralende winkelstraten. Dus zijn zij al eerder begonnen met nadenken.

Een mooi bruikbaar voorbeeld leverde Rotterdam. Winkelgebieden besloten samen op te trekken, en spraken met de gemeente één aanspreekpunt af. Denk niet dat dit supersnel gebeurde, maar ze hebben het voor elkaar daar.

Daarna zijn ze relevante kennis gaan zoeken om plannen te trekken. Daarbij is slim gebruik gemaakt van de aanwezige opleidingen met hun studenten. Niet alleen marketing en economie, maar ook ontwerp- en kunstopleidingen.

Local heroes koesteren

Studenten hebben projecten gedaan om ideeën te generen. Voor de straat of voor een individuele winkel. Het mooie van die aanpak, zo bleek, is dat je meteen het kooplustig publiek van de toekomst aan tafel hebt. Marketing dus meteen. Goed idee!

Echte 'local heroes' moet je koesteren. In Rotterdam is dat bijvoorbeeld boekhandel Donner, die verrast met extra aandacht voor Feijenoord. De studenten bedachten hoe de boekhandel zich kan onderscheiden van Amazon. Maar ook hoe een bloemenwinkel de rest van de straat fleurig kan maken, en hoe straten een eigen identiteit kunnen krijgen. Juist de ontwerp- en kunststudenten gaven toegevoegde waarde aan de projecten.

Glimlach bij de bestelling

En passant meldden die studenten dat ze minder geïnteresseerd zijn in 'bestelling binnen een dag'.

Ze kiezen voor een glimlach bij de bestelling, een goed advies en adequate service bij manco's in gekochte waren. Zulke factoren zijn in hun ogen veel belangrijker.

De kwaliteit van winkelpersoneel zal dus zeker ook het verschil kunnen maken. Daar heb je weer een paar psychologen bij nodig misschien? En slimme trainingsgames? Die maak je nu ook niet als MKB'er.

Onverwachte spelers in de stad

Samenwerken met elkaar, en met heel andere en onverwachte spelers in de stad, dat was eigenlijk de kern van de Rotterdamse boodschap.

Goed als in Utrecht zo'n slag zou worden geslagen via het Ondernemersfonds.

Onze hogescholen kunnen natuurlijk ook het initiatief nemen om studenten te laten meedenken. Mooie praktijkoefeningen immers. Oefenen in multidisciplinair werken is niet te versmaden. Vraag de Rotterdamse collega's naar hun ervaring.

Ambtenaren shoppen

En als de gemeente dan van haar kant zorgt voor dat ene aanspreekpunt, waar Rotterdam zoveel baat bij heeft.

Ambtenaren moeten ook maar eens bij elkaar gaan shoppen misschien?

Trude Maas
Voorzitter Utrecht Development Board

Alle columns
18-09-2018 | Groot denken, maar niet te groot
05-09-2018 | Energie-omwenteling leren
09-07-2018 | Alleen in Utrecht, of juist samen
25-06-2018 | De waarde van Werkspoor
29-05-2018 | Toekomst aan de groene stad
14-05-2018 | Buiten spelen of volbouwen
01-05-2018 | De Uithof zoekt de confrontatie
11-04-2018 | Speerpunten voor sport en bewegen
04-04-2018 | Megaklus voor vakmensen
20-03-2018 | Toekomstbestendige topbestuurders verzamelt u!


< Vorige 1234567891011121314 Volgende >

UDB missie » Columns » Utrecht Winkelhart van Nederland?

Kees RuttenKees Rutten INTERVIEW

"‘Hoog’ en ‘laag’ onderwijs moet uitgebannen"

“Ik ben een publieke-sector dier geworden”. Kees Rutten, een van de veertien leden van UtrechtDB, typeert zichzelf. Hij is in het dagelijks leven lid van het College van Bestuur van ROC Midden Nederland. Daarnaast zet hij zich niet alleen in voor UtrechtDB, maar ook voor de Economic Board Utrecht (EBU). Een van zijn missies: betere aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt.

> Lees het hele interview

Utrecht